Druïden en Individuele verantwoordelijkheid
door MardoekeHet onderwerp waar ik al een hele tijd over zit te denken is hoe het in vredesnaam mogelijk was dat de oud-Europese natuurspiritualiteit, waaronder het door ons geliefde druïdendom, werd vervangen door het christendom. Ik vind dat door vele mensen in de beweging van de natuurspiritualiteit hier niet erg helder over wordt gediscussieerd. Er heerst in sommige paganistische kringen een soort slachtoffer-denken: de overtuiging dat de kerstening uitsluitend met negatieve middelen gebeurde: het zwaard, de zweep en het bang maken voor de hel en de duivel. Zelf ben ik hier niet zo van overtuigd. Ik geloof dat mensen op ieder moment de voor hun gunstigste optie in het leven kiezen. Waarom kon het sublieme heidendom deze optie niet bieden, is mijn vraag. De antwoorden die je van christenen krijgt zijn bekend. Heidenen waren duivels, boden vrouwen geen (seksuele) veiligheid, interesseerden zich alleen voor macht en zwarte magie, deden offers. Christus offerde zichzelf op voor alle anderen, bracht het licht en de zelfloze liefde. Wat doen met deze draak van een verhaal? Het spannende is dat in de gemeenschappen die tot op vandaag de dag animistisch zijn, zoals veel inheemse volkeren, de christelijke kerk exact dezelfde argumenten blijft gebruiken als 1700 jaar geleden.
Over dit onderwerp kun je boeken volschrijven; maar ik zal het hier kort houden. De Europese traditie van de natuurspiritualiteit kent ook het concept van de zelfloze liefde als allerbelangrijkst principe. Interessant daarbij is de bekende theorie dat de naam Jezus afstamt van de Keltische eiken-god Esus die exact dezelfde spirituele boodschap had. Zwarte magie is geen monopolie van heiden, de christelijke missionarissen deden er ook aan. Lees maar eens als voorbeeld de verhalen van de vroege Ierse heiligen. Die spraken aan de lopende band vloeken uit, vermoord-den anderen en leverden magische gevechten. Vandaag wordt daar nog steeds geen kritiek op geleverd in de katholieke kerk, in tegendeel , ze worden als helden gevierd. En priesters konden je vreselijk bang maken en intimideren als je niet aan hun normen voldeed. Als dat geen zwarte magie is weet ik het niet meer. Er bestaat dus nauwelijks kwalitatief verschil in de magische praktijken. Bidden blijf je doen, of het nu één God, of Jezus, Moeder Maria, is of een van de duizenden heiligen, of Odin, Lug, Nehallenia.
Goed en slecht, inderdaad hebben wij daar andere ideeën over dan vele christenen. Meer taoïstisch: ontdaan van oordeel en emotie. Het kwaad, de destructie bestaat, is een realiteit als iedere andere, een deel van het leven op aarde. Door het kwaad als iets los van de 'gewone' realiteit te zien (iets dat van buiten komt, de duivel) voer je een onnodige amputatie van de realiteit uit. Christenen, en niet Jezus, hebben trouwens zelf de duivel en de hel uitgevonden, en vervolgens anderen ervan beschuldigd ermee te werken. Zelf ontkennen ze dit ten stelligste. Het is misschien wel in plaats gekomen van de offers. Was dit een goede ruil? Als je de hel alleen als een plek voor het mogelijk hiernamaals ziet waar je moet boeten voor je zonden, leef je dus nooit helemaal in het hier en nu. Misschien vergelijkbaar met de huidige maatschappij die het milieu vernietigt met het commentaar 'wie dan leeft wie dan zorgt'. Je creëert een irreële veiligheid. Iemand die met de natuurgeesten op een respectvolle wijze in contact staat voelt aan wanneer het evenwicht waar wij als mensen uiteindelijk ook vanaf hangen wordt verstoord. En kan onmiddellijk ingrijpen om het evenwicht te herstellen.
Wel bestaat er een verschil in hiërarchie en organisatie. De kerk kwam als een sterke hiërarchische organisatie met geavanceerde kennis. In de vroege Middeleeuwen waren de kloosters als universiteiten. Het waren de bolwerken van de technische innovatie die mensen meer en beter te eten gaven, hun ziekten beter genazen, het leefcomfort vergrootten, hele plantages onderhielden, zieken en wezen verpleegden, en veel andere nuttige zaken voor de mensen deden. Tegenwoordig zijn, met de algehele voor iedereen in ontwikkelde landen toegankelijke globalisatie van informatie en contacten en secularisering van gezondheidszorg en onderwijs, die functies niet meer zo relevant. De druïden hadden nauwelijks een organisatie, geen bezit, hun systeem bleef een gedecentrali-seerd niet erg gedisciplineerd netwerk van mensen die innerlijk geroepen werden, geen sterk aanwezige hiërarchie hadden die ze gehoorzaamden, en naar eigen geweten en bewustzijn handelden.
Hing je in een kleine gemeenschap van de individuele sjamaan en zijn of haar eigen persoonlijkheid af, bij de christelijke kerk had je de door de kerkelijke instanties geüniformeerde en met standaard-gedachtegoed voorziene priester of non. Die ook nog eens deel uitmaakt van een wereldwijd netwerk van mensen die informatie uitwisselen en op hoog niveau werken, ter voordeel van de mensen. Dan heb je veel te bieden. Er is een voorspelbaarheid in gedrag, je weet waar je aan bent, en ook een aanbod aan kennis en betrouwbare kontakten. Heel veel mensen die aan dezelfde zaak werken. Geen wonder dat daar een enorme macht en zelfverzekerd-heid uit voorkomt.
Hetgeen waar ik als druïde echt moeite mee heb bij de oude religies zijn de offers. Of het nu mensen- , dieren offers of zelfs planten ,of een enkele eitje offeren; ik kan daar geen enkele goede kant aan vinden. Ik denk dat dat een deel is van de oude spiritualiteit waar we nu niets meer mee kunnen beginnen : het projecteren van je eigen problemen in iemand anders of in een dier of plant help niet om een probleem duurzaam op te lossen. Een dier offeren is voor mij ook niet meer in het hier en nu leven. Het probleem zal immers terugkomen via de spirit van het geofferde dier dat ook opnieuw geboren wordt. Respect voor al wat leeft en in het hier en nu zijn staat nu op de agenda van de druïden en ook de paganistische beweging. En dat is een grote vernieuwing ten opzichte van de voor-christelijke tijd. Ik kan me voorstellen dat mensen vroeger blij waren dat er bij de christenen geen offers nodig waren om God om een gunst te vragen.
Wat betreft het andere aspect, de voorspelbaarheid en wereldomvatten-de netwerk van kennis. Ik denk dat het essentieel is dat mensen dat soort netwerken vormen. In het verleden had ieder dorp zijn sjamaan die het wiel min of meer opnieuw uitvond. Het gedrag van zo iemand is nooit voorspelbaar. Bekend zijn de verhalen dat een slechte bui van een sjamaan zeer ernstige gevolgen kan hebben. Zelf vind ik dat ook een issue. Plaatselijke taboe's die inflexibel en dwingend zijn en verschillend van de ene cultuur naar de andere, soms diametraal tegenovergesteld, kunnen bijdragen aan een algehele sfeer van niet-gericht zijn op het uitvinden van nieuwe dingen die mensen helpen. Soms hebben deze taboe's een constructieve rol, maar soms ook niet. Ik denk dat dat een van de grote 'nalatigheden' in het verleden was dat met de maatschappelijke schaal-vergroting geen spirituele schaalver-groting plaatsvond. Als je naar en healer gaat weet je nooit waarmee je te maken krijgt, met welke onverwerkte trauma's je via de healing geconfronteerd wordt. Daarom is het vaak het best om goede healers in eigen omgeving te zoeken. Als je naar een christelijke priester om het even waar in de wereld gaat weet je dat hij of zij met Jezus en Maria werkt en welke morele voorstellingen hij of zij heeft.
Tegenwoordig is de spirituele tendens naar het je bewust worden van het en nemen von honderd procent verantwoordelijkheid voor het creëren van je eigen realiteit. Dit sluit gedeeltelijk aan bij de oude spiritualiteit, en gaat gedeeltelijk nog veel verder dan wat er vroeger gebeurde, toen men vaak afhing van sjamanen om de realiteit te creëerden. Dit is een fantastische ontwikkeling. De schaduwzijde daarbij is dat er een risico is voor nieuwe vormen van megalomanie en het niet voldoende erkennen van de maatschappelijke context en collectieve verantwoordelijkheid, zoals al in het stuk in de vorige Dryade vermeld.
Terug naar de inhoudsopgave van dit nummer